Linkshandigen in het nieuws 2004

Linkshandigen meppen beter
Onderzoekers denken te begrijpen waarom er linkshandigen bestaan: de linkspoten hebben voordeel in man-tot-mangevechten. Boksers, schermers, pingpongers, tennissers en nu ook maatschappijen met veel fysiek geweld hebben iets opmerkelijks met elkaar gemeen. In hun gelederen hebben ze opvallend veel linkshandigen: tot wel drie keer meer dan in een willekeurige groep mensen. Die constatering doen de Franse onderzoekers Charlotte Faurie en Michel Raymond in het Britse vakblad Proceedings of the Royal Academy of London. Faurie en Raymond baseren zich op onderzoek van acht stammenvolkeren. In de meest vredige stammensamenleving, die van de Dioula in Burkina Faso, was het moordgehalte één op de honderdduizend per jaar. Het aantal linkshandigen is er 3,4 procent. Maar bij de meest gewelddadige stam, de beruchte Yanomamö-indianen uit Venezuela met hun moordcijfer van 500 op 100.000, is 22,6 procent linkshandig.
Dat komt omdat linkspoten voordeel hebben in man-tot-mangevechten, menen de Fransen. Tegenstanders zouden minder bedacht zijn op het verrassingseffect van een linkshandige tegenstander, en het eerder afleggen. Een andere verklaring voor het ‘lefty-effect’ bij contactsporten werd vier jaar geleden voorgesteld door een andere onderzoeksgroep. Misschien hebben linkshandigen betere motorische vaardigheden en een ander ruimtelijk inzicht dan rechtspoten.
In westerse landen schommelt het aantal linkshandigen rond de 10 procent. Maar dat is niet per se een graadmeter voor hoe gewelddadig onze samenleving is, weten Faurie en Raymond. Bij ons hebben de man-tot-mangevechten plaatsgemaakt voor vuurgevechten en andere uitingen van geweld op lange afstand.
Bij contactsporten is er wel een intrigerend verband tussen afstand en linkshandigheid, merkten de Fransen al eerder op. Linkshandigen lijken iets oververtegenwoordigd bij tennissers en pingpongers: tussen de 11 en 17 procent. Maar bij boksers en schermers is het aandeel linkshandigen nog groter. Van de beroepsschermers is ongeveer eenderde linkshandig; bij de kwartfinalisten is dat zelfs de helft.
Linkshandigheid geldt als een biologisch raadsel. De voorkeur ontstaat waarschijnlijk door stress voor de geboorte en houdt verband met aandoeningen als een zwak immuunsysteem, bepaalde zenuwaandoeningen en een gemiddeld kortere levensduur. Je zou dus verwachten dat linkshandigheid vanzelf wordt uitgegumd door de evolutie. Het ‘vechtvoordeel’ zou daartegenin gaan en verklaren waarom er linkshandigen bestaan, denken de Fransen.
Toch valt op de theorie ook wat af te dingen. Zo geven de onderzoekers zelf toe dat hun cijfers door allerlei omstandigheden vertekend kunnen zijn: ze baseren zich bijvoorbeeld op uitspraken van stammenhoofden, en die kunnen gekleurd zijn. Bovendien zegt het vechteffect niets over de hardnekkige verhalen over linkshandigheid bij dieren. Linkshandigheid is onder meer gemeld bij walvissen, walrussen, kraaien, apen en beren.
Chris McManus, zo ongeveer de bekendste linkshandigheidsonderzoeker ter wereld, reageert in de media dan ook sceptisch. MacManus blijft vermoeden dat het brein van linkshandigen zodanig is ingericht dat het soms voordeel geeft. Misschien reageren linkshandigen sneller, of kunnen ze hun omgeving beter waarnemen.
Noorderlicht 2004
---------------------------------------

Heel handig Linkshandigen
Vroeger werd het feit dat men linkshandig was, beschouwd als een gebrek. Nu zijn er steeds meer linkshandigen en bij het sporten blijkt deze bijzonderheid vaak juist een belangrijke troef te zijn.
In tegenstelling tot wat algemeen wordt gedacht, bestaat de lateraliteit vanaf de geboorte. Via een automatische looptest (*) kan men vaststellen of de zuigeling reeds voorbestemd is voor een van de twee zijden. Maar door zijn gebrek aan kracht en zijn onhandigheid wordt de uitdrukking van deze lateraliteit meestal uitgesteld. Rond de leeftijd van 2 à 2,5 jaar wordt de voorkeur zichtbaarder, doordat het kind bijvoorbeeld aangeeft dat hij zijn lepel of zijn potlood liever met een bepaalde hand vasthoudt. Later, rond de leeftijd van 5 jaar, laat de laterale dominantie geen twijfel meer bestaan. Meestal is het zo dat, hoe vroeger de lateralisatie zich uit, des te uitgesproken ze op volwassen leeftijd is.
Steeds talrijker>br> In het begin van de 20ste eeuw was slechts 3% van de bevolking linkshandig. Zij werden wat gewantrouwd en er werd ook op neergekekn. Heel wat uitdrukkingen brengen de linkerkant nog in verband met lompheid: "links zijn" "met het linkerbeen uit bed stappen" enz. De ouders en opvoeders spannen zich in om dit gebrek te corrigeren. Vroeger bond men de linkerhand op de rug vast om kinderen te dwingen hun rechterhand te gebruiken. Gelukkig behoren deze praktijken tot het verleden. Naar schatting zijn 10% van de Europese bevolking en 30% van de Noord-Amerikanen nu linkshandig; een verschil dat verklaard wordt door een sterke erfelijke factor in het voorkomen van dit fenomeen. Zo hebben twee linkshandige ouders één kans op twee om een linkshandig kind te hebben; deze verhouding daalt tot één kans op zes als slechts één van de ouders linkshandig en tot één kans op vijftig als geen van de twee linkshandig is
Linkshandigen aan de macht
Te allen tijde waren er in de sport veel linkshandigen. Voorbeelden zijn boksers (Marvin Hagler), autopiloten (Ayrton Senna) of tennissers (John McEnroe). Linkshandigen presteren zeer goed in disciplines met een rechtstreekse tegenstander, zoals schermen, badminton, tennis, tafeltennis enz. Uiteraard halen ze tegenover hun tegenstander voordeel uit het feit dat ze meer gewend zijn aan een omgekeerd spel. De facto ontmoeten ze vaker rechtshandigen dan linkshandigen. Maar er zou meer dan dat zijn. Sommige specialisten denken dat linkshandigen ook een iets hogere reactiesnelheid van enkele milliseconden hebben, wat het verschil zou maken in disciplines waarvoor bliksemsnelle reflexen vereist zijn.
Alles in het hoofd
Er worden twee verklaringen voorgesteld. Enerzijds lijkt het erop dat de hersenen van linkshandigen meer verbindingen bevatten dan deze van rechtshandigen. Zo zou het aantal zenuwvezels (ongeveer twee miljoen) die de twee hemisferen verbinden (en het "corpus callosum" vormen) hoger liggen bij hen. Anderzijds leeft het idee dat ze meer voordeel halen uit de geografische nabijheid van de beslissingscentra. Aangezien de ene helft van het lichaam steeds afhankelijk is van de andere helft van de hersenen staan linkshandigen rechtstreeks in contact met de rechterhersenhelft, precies het gedeelte van de hersenen dat zich bezighoudt met het beheer van enkele heel belangrijke vaardigheden in de sport: handigheid, visuele discriminatie, inschatting van afstanden. Zo zouden linkshandigen beter presteren in het geval van tennis om een hoge volley te slaan of in het geval van een doelman om de baan van de tegenstanders af te snijden.
e-gezondheid.be 19 oktober 2004
---------------------------------------

Linkshandige beter in vechten

In een gewelddadige samenleving kun je beter linkshandig zijn, want linkshandigen hebben een voordeel bij één-op-één gevechten. Mensen zijn namelijk gewend te vechten tegen rechtshandigen, om de simpele reden dat er minder links- dan rechtshandigen zijn. Ze worden daarom sneller verrast door mensen die met links vechten. Franse wetenschappers zijn op zoek naar de reden waarom sommige mensen vooral hun linkerarm gebruiken. Linkshandigheid heeft een aantal nadelen en toch gebruikt zo'n 10 procent van de bevolking van de westerse wereld zijn linkerarm vaker dan zijn rechter. Daar moet een natuurlijke reden voor zijn.

Sport
Uit onderzoek is gebleken dat linkshandigen een voordeel hebben bij sporten als schermen, boksen, tennis en honkbal. En sport is een niet-gewelddadige vorm van vechten, dachten Franse wetenschappers, dus bij gevechten hebben linkshandigen een voordeel.
Geweld
Als het klopt dat linkshandigheid voordeel biedt in geweldssituaties, zo redeneerden de onderzoekers verder, en als dat voordeel een reden voor linkshandigheid is, moet linkshandigheid in gewelddadige samenlevingen vaker voorkomen dan in vreedzame.

Moorden
Charlotte Faurie en Michel Raymond van de universiteit van Montpellier II onderzochten acht verschillende samenlevingen. Ze telden hoeveel mensen linkshandig zijn en hoeveel moorden worden gepleegd. De resultaten publiceerden zij in de 'Proceedings of the Royal Society'. In Burkina Faso onderzochten ze een stam waar jaarlijks slechts 1 op 100.000 mensen wordt vermoord. Daar is 3,4 procent van de mensen linkshandig. In Venezuela leeft een stam waar jaarlijks maar liefst 4 op de 1000 mensen worden vermoord. Bijna een kwart (22,6 procent) van de stamleden is linkshandig.
Blijkbaar is het voordelig in een gewelddadige samenleving om je linkerarm te gebruiken, concluderen de onderzoekers. Links zijn heeft dus toch voordelen.

Elsevier 8 december 2004
---------------------------------------

www.linkshandig.info (c) 1999-2019

met recht links-handig